• Voor de beste groeninspiratie
  • Alles voor huis, tuin en dier
  • Handige groenvideo's
minuten lezen

4 tips voor tuinvogels voeren

Het áller- állerbeste is het voor vogels als je tuin zo is ingericht dat ze er veel natuurlijk voedsel vinden, zoals insecten, zaden en bessen. Maar daarover later meer, want het is nu midden in de winter, dus er zijn geen insecten en het is geen goede tijd om te planten. Wat je nu wel kunt doen is de vogels een beetje bijvoeren. Een paar tips.

Vogelbeschermer Nico de Haan geeft je alvast een paar tips voor het voeren van vogels.

Tip 1: voer verschillende dingen op verschillende plekken

  • Mezen zijn acrobaten die gerust ondersteboven hangend met z’n tienen tegelijk iets eten. Hang voor pimpel-, kool- en staartmezen dus vetbolletjes in een vetbolhouder of pinda’s in een silo.
  • Vinken, huis- en ringmussen en lijstersoorten (merel, zanglijster, koperwiek) scharrelen juist graag over de grond. Strooi voor deze vogels een zadenmengsel op een sneeuwvrije plaats op de grond of op een voertafel.
  • Wil je roodborst, winterkoning en heggenmus bijvoeren? Strooi dan (gevriesdroogde) meelwormen of zaden op wel tien beschutte plekjes op de grond. Geef niet één keer veel, maar steeds een klein beetje. De reden: ze scharrelen een paar keer per dag de tuin door en volgen dan een soort ‘voedselroute’ van kansrijke plekjes.
  • Groenlingen zijn fan van zwarte zonnebloempitten. Hang ze in een voedersilo in de tuin en je kunt er (bijna) op rekenen dat ze zich komen melden.
  • Vogelpindakaas is ten slotte gewild door veel soorten. Vaak komt er zelfs nog een boomklever of grote bonte specht op af, als je in een omgeving met bomen woont!

Tip 2: geef water

Zet ’s morgens een lage schaal met lekker vers water neer voor de vogels, om te drinken én te badderen. Dat doen ze namelijk ook midden in de winter, want zo verzorgen ze hun veren. Doe er nooit zout in, want dat is afschuwelijk ongezond voor vogels. Voeg ook nooit suiker toe, want als ze dan badderen, zitten hun veren helemaal onder een suikerplaklaagje. Vries het heel hard en blijft het water niet open? Geen probleem, dan pikken ze sneeuw of rijp om aan vocht te komen.

Tip 3: maak zelf vogelvoer

Zelf vogelvoer maken is ietsje meer werk, maar leuk om te doen en het ziet er prachtig uit! Bijvoorbeeld:

  • Een pindaslinger rijgen. Ook gezellig met klein-, buur-, of andere kinderen. Maak met een prikpen of spijkertje eerst een gaatje in de pinda; dat rijgt makkelijker. Doe ook eens grote stukken appel of peer tussendoor, of gedroogd fruit.
  • Zelf vetbollen maken. Er zijn naast de klassieke bol veel variaties mogelijk: giet het gesmolten vet bijvoorbeeld in een ouderwets kopje met een oortje dat u ophangt aan een tak of in allerlei vormen en maak zo een fantastische vogeltaart!
  • Een vogelkerstdiner maken in de vorm van een kerststukje. Dat is weer eens heel wat anders. Kijk hier voor de benodigdheden en de werkwijze.
  • Maak zelf een spechtenblok van een dikke boomtak of een open haardblok. Benodigdheden: een boor, een haak, een touw en vogelpindakaas. Hier lees je hoe.

Tip 4: strooi geen zout maar zand

Ten slotte: als het glad wordt, strooi dan geen zout, maar scherp zand. Vogels kunnen het zout namelijk onverhoopt binnenkrijgen (via insecten die er dood van gaan of via smeltwater) en daarvan ernstige nierproblemen krijgen. Zout is verder slecht voor de planten en bomen in je tuin, maar ook voor het bodemleven. Scherp zand is net zo effectief en voor niemand gevaarlijk.

Dit blog is geschreven in samenwerking met Vogelbescherming Nederland. Rechten beelden: Vogelbescherming Nederland

Ook leuk om te lezen

Reacties

Geen reacties

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *